Er zijn verschillende hypotheekvormen. Hieronder staan een aantal van die vormen beschreven.
Aflossingsvrije hypotheek
Bij deze hypotheekvorm is geen faciliteit dat zorgt voor de aflossing van de hypotheekschuld. Dit betekend dat de schuld altijd blijft bestaan. De meeste banken verschaffen geen aflossingsvrije hypotheek voor 100% van het bedrag, Dit komt omdat ze in het geval van executie graag hun geld terug willen krijgen. Het voordeel deze vorm zijn de lage maandlasten. Het nadeel van geen aflossing van de schuld aan het eind van de looptijd, wordt verzwakt door de inflatie. Bij een looptijd van 30 jaar en een gemiddelde inflatie van 2.5% per jaar is 200.000 euro aan de start van de hypotheek over 30 jaar in koopkracht nog maar gelijk aan 95.349
Beleggingshypotheek
Bij deze hypotheekvorm wordt je inleg belegd in beleggingsfondsen. Er vind tijdens de looptijd geen aflossing plaats, waardoor je gebuik kunt maken van maximaal fiscaal voordeel. De fondsen waar je in kunt beleggen kun je meestal zelf kiezen. Over het belegd vermogen moet wel belasting worden betaald (2008: 1,2%) Het resultaat aan het eind van de looptijd is afhankelijk van de beleggingsresultaten en is dus niet gegarandeerd.
Levenhypotheek
Deze hypotheekvorm is bedoeld om de fiscale faciliteiten in box 1 (inkomen) maximaal te benutten. Het heet een levenhypotheek omdat er een levensverzekering aan gekoppeld is. Bij deze hypotheek heb je te maken met een vaste maandelijkse aflossing, die bestaat uit rente en premie. De premie is bestemd voor de levensverzekering. Je betaalt alleen aflossing als je dat zelf wenst. Bij de hypotheek wordt ook een kapitaalverzekering afgesloten, die aan het einde van de looptijd uitkeert. Met deze uitkering moet je de hypotheek aflossen. Bij overlijden van één van beide partners wordt een bedrag uitgekeerd dat gelijk is aan het bedrag dat je hebt meeverzekerd (het verzekerd kapitaal). Dan moet je dat bedrag gebruiken om de hypotheek af te lossen.Het grote verschil met een spaarhypotheek is dat er geen koppeling bestaat tussen de hypotheekrente die je betaalt en de spaarrente die je ontvangt. Houdt er dus rekening mee dat het uit te keren bedrag zowel lager als hoger kan zijn dan de hypotheekschuld. Meestal is het bedrag echter wel voldoende. Voor de verzekering gelden bepaalde fiscale vrijstellingen. Voor lagere inkomens is deze vorm minder interessant in verband met minder fiscale aftrekmogelijkheden voor deze inkomensgroep.
Spaarhypotheek
Bij deze hypotheekvorm spaar je je inleg op, zodat deze aan het eind precies het bedrag is wat nodig is voor aflossing van de hypotheekschuld. Dit gebeurd door middel van een levensverzekering. Een voordeel is dat bij een stijgende rente het verzekerings gedeelte goedkoper wordt.